GRAND EN PETIT BASSET GRIFFON VENDÉEN
![]()
Voor verdere informatie zie de website van :
Club du Griffon Vendéen
des Pays-bas
DE BASSET GRIFFON VENDÉEN
De graaf d'Elva wordt gezien als geestelijke vader van de Basset Griffon Vendéen. Niet omdat hij het ras heeft uitgevonden, maar hij was de eerste die serieus en selectief (bijna 40 jaar) fokte.
In 1875 begon hij met het fokken van "Vendéens" en wel door een nestje te fokken met een Vendéen teefje en een Fauve de Bretagne reu. Deze honden vormden de basis waarop hij verder is gegaan. Zijn opmerkelijkste hond, Royal Combattant, had een schofthoogte van 43 cm en zou nu als Grand Basset bestempeld worden. Deze Royal Combattant werd als tweede basset ingeschreven in het L.O.F., het Franse stamboek.
De honden van de graaf vormden een tussenvorm tussen de Bassets en de Briquets, waardoor de graaf gedwongen werd twee verschillende rassen te gaan houden. Zijn grote liefde bleef de Basset. De Briquets werden langzaam veranderd in Grands. D'Elva gaf een fortuin uit aan een Grand reu, die hij nadat de hond zijn plicht had gedaan weggaf aan de Jardin d'acclimatation, een soort kynologische school waar diverse rassen te bekijken waren en waar ook diverse dekreuen gehouden werden.
In 1896 werd de Franse Bassetclub opgericht. In 1989 stelde deze club de standaard op. Deze standaard gold voor de Basset Griffon Vendéen. Een onderscheid tussen Petit en Grand Basset bestond toen niet.
Op 30 mei 1907 werd in Frankrijk de Club du Griffon Vendéen opgericht wat in 1909 resulteerde in een nieuwe standaard voor de Basset Griffon Vendéen. In deze standaard werden 2 maten genoemd: 34-38 cm en 38-42 cm. Behalve de hoogte was er nog een verschil: de kleine basset had licht gedraaide fronten, de grote rechte fronten. De Petit Basset was de kleine versie van de Basset Griffon Vendéen, echter zonder als Petit Basset Griffon Vendéen door het leven te gaan.
In 1951 werd er voor de Petit Basset Griffon Vendéen een aparte standaard opgesteld en werd er nadrukkelijk een scheiding aangebracht tussen Petit en Grand Basset. De twee types werden echter tot in 1975 door elkaar gefokt. In een nest konden dus grote en kleine bassets geboren worden. Ook nu komen er nog regelmatig terugslagen voor.
DE GRAND BASSET GRIFFON VENDÉEN
De Grand Basset Griffon Vendéen ontstond rond 1890. Graaf Christiaan d'Elva begon in die tijd met het fokken van de Grand Basset.
In het begin ging het er nogal wanordelijk aan toe. Er was geen gelijkvormig type. In één nest konden honden voorkomen met een harde vacht, met een zijdeachtige vacht en zelfs kortharen.
Graaf d'Elva ging er bij het fokken vanuit dat de honden rechte benen hadden. Andere vonden een betere vachtsamenstelling het uitgangspunt.
Het was tenslotte Paul Dezamy, de oprichter van de Club du Griffon Vendéen, die het type vastlegde: een grote Basset met rechte benen en beschikkend over de snelheid die nodig was om een haas na te jagen.
De voornaamheid en sierlijkheid verloor men niet uit het oog maar wel de hoogte. Men sprak van 42 Dezamy centimeters maar bedoelde hier 44 mee. Als een hond werkelijk mooi was, mocht deze iets groter zijn. Ook nu wordt een iets te grote hond vaak oogluikend toegestaan.
Karakter
Ze zijn erg vriendelijk, kinderen zijn hun grootste vrienden en ook tegenover andere diersoorten zijn ze erg verdraagzaam. Ze zijn zeer spontaan en ondernemend van aard. De Grand Basset is iets bedaarder en minder onstuimig dan de Petit Basset.
PETIT BASSET GRIFFON VENDÉEN
Aan het einde van de Tweede
Wereldoorlog ontstond bij de jagers de wens van een kleine Basset maar wel
met dezelfde kwaliteiten als de grote Basset. Sinds 1909 had men wel een
kleine Basset maar dit waren eigenlijk de miskleunen die geboren werden.
Alle grote Bassets met korte pootjes werden Petits genoemd. Het waren vaak honden die nergens voor deugden. Ze hadden lange oren die door het stof sleepten, ze raakten verward in de bramenstruiken, waren niet levendig genoeg en snel vermoeid.
Qua lichaam waren ze even groot als de grote Basset
alleen de pootjes waren korter. En deze pootjes mochten Frans staan.
Dat was te veel van het goede!
Wat men wilde was een levendig hondje, krachtig gebouwd met een iets verlengde lichaamsbouw. De oren zijn korter en anders van vorm (het ovale eind is minder gerekt). De snuit is eveneens korter evenals de staart en de beharing heeft minder franje.
De Petit was geboren: een hondje dat in zijn totaal een betere verhouding vertoont.
Karakter
De Petit Basset is een vrolijke, actieve, drukke, kleine hond, schrander en onderzoekend. Zijn vriendelijke aard en zijn voorliefde voor menselijk gezelschap maken hem tot een uitstekende gezinshond, terwijl zijn diep geluid onwelkome bezoekers afschrikt.
Voor inlichtingen kunt u contact opnemen met:
Club du Griffon Vendéen
des Pays-bas
- D. Maior - tel: 0341-665718
Bovenstaande tekst is aangeleverd door Mw. M. de Haas-Hiemstra (rascontactpersoon
Franse rassen)
Het betreft een vertaalde tekst van Hubert Desamy, de
vroegere voorzitter van de Franse Vendeen club. Persoonlijk heeft Mw. de Haas- Hiemstra toestemming gegeven om deze tekst op de
website van de NBC te gebruiken.